Een grondverzetmachine kan op papier “goedkoop” lijken, maar in de praktijk bepalen brandstof, onderhoud, stilstand en restwaarde of je echt voordelig draait. Daarom sturen steeds meer aannemers en materieeldiensten op totale kosten per draaiuur: één getal dat alle kosten samenbrengt en projecten beter vergelijkbaar maakt.
TCO per draaiuur is geen boekhoudtruc. Het is een praktische rekensom die helpt bij drie beslissingen: welke machine je koopt (nieuw of gebruikt), hoe je hem inzet (uren, belasting, planning) en hoe je hem in conditie houdt (service, onderdelen, bandenslijtage, onderstel).
Waarom kosten per draaiuur meer zeggen dan de aanschafprijs
De aanschafprijs is zichtbaar en voelt “hard”. Maar een machine verdient zijn geld terug op de bouwplaats, uur na uur. Twee graafmachines met hetzelfde gewicht kunnen onderaan de streep toch flink verschillen door brandstofverbruik, onderhoudsinterval, betrouwbaarheid en restwaarde.
Daar komt bij dat veel bedrijven machines in een mix inzetten: één machine draait 2.000 uur per jaar, een andere maar 800. De vaste lasten lopen in beide gevallen door. TCO per draaiuur maakt dat verschil direct duidelijk.
Een extra voordeel: met TCO kun je intern beter rekenen met werksoorten. Een rupsgraafmachine op zwaar sloopwerk vraagt andere aannames dan dezelfde machine op licht grondwerk.
Wat bedoelen we met TCO per draaiuur?
TCO (Total Cost of Ownership) per draaiuur is: alle eigendoms- en gebruikskosten over de economische levensduur, gedeeld door het aantal draaiuren. Veel bedrijven nemen het loon van de machinist apart mee, omdat dat geen eigendomskosten zijn. In kostprijsberekeningen voor projecten wordt personeel vaak wel toegevoegd, afhankelijk van hoe je calculeert.
Na een korte inventarisatie van kostenposten kom je meestal uit op deze groepen:
- Afschrijving en rente
- Verzekering en stalling
- Brandstof of stroom
- Onderhoud en reparaties
- Slijtage (banden, onderstel, tanden, bakken)
- Overige (telematica, keuringen, administratie)
Hoe worden de totale kosten per draaiuur berekent?
De totale kosten per uur (de kostprijs) bestaan uit een optelsom van vaste kosten (ongeacht gebruik) en variabele kosten (afhankelijk van draaiuren).
Hieronder volgt een overzicht van de opbouw en de berekeningsmethode.
Vaste kosten (per jaar / per uur)
Deze kosten lopen door, ook als de machine stilstaat.
- Afschrijving: (Aanschafwaarde – Restwaarde) / Technische levensduur in jaren.
- Rente over het geïnvesteerde vermogen.
- Verzekering & Belastingen: Jaarlijkse premies en eventuele heffingen.
- Stalling/Huisvesting: Kosten voor loods of werkplaats.
Berekening per uur = totale jaarlijkse vaste kosten / aantal draaiuren per jaar
Variabele kosten (per draaiuur)
Deze kosten zijn direct gekoppeld aan het aantal uren dat de machine daadwerkelijk draait.
- Brandstofverbruik: Liters per uur x prijs per liter (bijv. diesel).
- Onderhoud & Reparaties: Kosten voor beurten, filters, olie, hydrauliekslangen.
- Slijtdelen: Banden/rupsen, tanden aan de bak, snijmessen.
- Smeermiddelen: Smeerolie en vetten (vaak geschat op ca. 12% van de brandstofkosten).
De formule voor de totale kosten per uur
Vaste kosten per uur + Variabele kosten per uur = Totale kostprijsVoorbeeld van berekening
Stel een graafmachine kost €100.000 en gaat 10.000 uur mee.
- Afschrijving: €100.000 / 10.000 uur = €10 per uur.
- Rente/Verzekering: Stel €2 per uur.
- Brandstof: 15 liter x €1,50 = €22,50 per uur.
- Onderhoud/Slijtdelen: Stel €8 per uur.
- Totaal: €10 + €2 + €22,50 + €8 = €42,50 per draaiuur (excl. machinist).
Factoren die draaiuurkosten kunnen beïnvloeden
Nieuw, jong gebruikt, huur of lease: wat verandert er in de som?
Bij nieuw materieel zijn de vaste lasten vaak hoger door de investering, maar je koopt ook voorspelbaarheid: garantie, bekende historie, vaak lagere storingskans in de eerste jaren en een langere technische runway.
Bij jong gebruikt dalen de afschrijvingskosten per uur vaak, terwijl onderhoud en het risico op uitval juist kunnen stijgen. Dat hoeft geen nadeel te zijn als de machine aantoonbaar goed is onderhouden en je de inzet slim kiest.
Huur en lease verplaatsen het risico en maken kosten voorspelbaarder per maand of per uur. In TCO-termen vervang je dan afschrijving, rente en een deel van onderhoud door één contractprijs, plus variabele kosten (energie, slijtage, schade, transport) afhankelijk van de afspraken.
Diesel versus elektrisch: zelfde rekenmodel, andere verdeling
Het rekenmodel blijft gelijk, alleen de verdeling verschuift. Bij elektrisch materieel zie je vaak:
- lagere energiekosten per uur (afhankelijk van stroomprijs en laadinfra)
- andere onderhoudsposten (minder olie en filters, wel aandacht voor koeling, software en hoogvoltsystemen)
- hogere kapitaalslasten door aanschafprijs, met een restwaarde die nog meer scenario-afhankelijk kan zijn
Wie met elektrische machines rekent, doet er goed aan om ook “laadtijd” en logistiek mee te nemen: een uur stilstand is geen draaiuur, maar kost wel geld in planning en bezetting.
Veelgemaakte fouten die de uitkomst vertekenen
Een TCO-sheet kan er netjes uitzien en toch misleiden. De meeste afwijkingen komen niet door de formule, maar door input die te rooskleurig is.
Zet deze punten standaard op je controlelijst:
- Draaiuren per jaar: te hoog ingeschat maakt vaste kosten per uur kunstmatig laag
- Restwaarde: te optimistisch drukt de afschrijving, terwijl de markt anders kan reageren
- Stationair draaien: telt mee in brandstof en onderhoud, maar levert geen productie
- Grote onderhoudspieken: onderstel, banden en revisies vergeten geeft later een schok
- Stilstand: geen post in de sheet, wel een kostenvermenigvuldiger in de praktijk
Wie dit strak beheert, krijgt een getal dat je echt kunt gebruiken in calculaties en investeringskeuzes.
Van berekening naar sturen: wat je met TCO per uur kunt doen
Met een goede TCO per uur kun je projectprijzen scherper onderbouwen, maar ook intern bijsturen. Denk aan het vergelijken van werkmethodes, het plannen van onderhoud op rustige momenten en het kiezen van de juiste machinegrootte.
TCO helpt ook in gesprekken met opdrachtgevers. Je kunt laten zien dat een machine met een hoger huurtarief toch goedkoper kan zijn als hij minder brandstof verbruikt, minder storingen kent en meer productieve uren maakt.
Wie daarbij ondersteuning zoekt, kiest vaak voor een partner die niet alleen levert, maar ook service, onderdelen en snelle hulp organiseert. Een landelijk servicenetwerk met 24/7 ondersteuning en originele onderdelen is geen luxe; het verlaagt de kans dat “kosten per draaiuur” in de praktijk veranderen in “kosten per stilstandsuur”. Bij merken als Liebherr speelt ook bediengemak en efficiëntie mee, omdat machinisten dan rustiger en constanter kunnen produceren, met minder verspilling.
Een TCO-berekening is dus geen eenmalige exercitie. Het is een stuurgetal dat je periodiek bijwerkt met echte data uit brandstofregistratie, werkbonnen en draaiuren, zodat je beslissingen steeds beter worden.